20-10-2011 09:34:55Niemand heeft het recht op succes maar iedereen heeft het recht op een kans op succesDe Amerikaanse droom is dat iedereen succes en ook een beetje je de Europese droom. Zoals besproken in het ongelijkheidsmaximum heeft een groot deel van de bevolking geen succes of middelmatig succes. In onze democratie hebben we zoiets als het gelijkheidsbeginsel. Dit gaat er van uit dat iedereen gelijk is als hij of zij geboren wordt en dat iedereen gelijk kansen moet krijgen.Er zijn grote groepen mensen in ons land waar de kans op succes is ontnomen. In Afrikaanse landen heb je vaak een nog grotere kans dat je geen succes hebt. Maar ook in het westen is dat zo. Daarom is het belangrijk dat iedereen dezelfde kansen krijgt op onderwijs en sociale ontplooiing. Het is daarom belangrijk om te zeggen dat iedereen kans op succes moet krijgen maar dat niemand het recht heeft op succes. De meeste mensen willen succes en spelen daarom muziekinstrumenten en andere dingen. Als je een kans hebt dan ga je ook proberen deze kans te grijpen en ga je bijvoorbeeld een muziekinstrument spelen en ga je je best doen. Dus ik denk dat kansen lijden tot innovatie en nieuwe ideeen. Dit is goed voor iedereen. Mensen blijven met goede ideeen komen als ze echt een kans hebben. Dit is de kracht van de kans op succes. ReactiessophieSucces. Mooi. Maar wat is succes? Boedoel je dat je een hoop geld verdient? Bedoel je dat je bekend bent en ieder voor je applaudideert. Of is succes als mens iets anders? Kun je in een hutje op de hei wonen, niet bekend zijn, je eigen voedsel verbouwend en je een succesvol mens voelen, gelukkig, tevreden? Moet er dan iets aan je versleuteld worden opdat je meegaat in de vaart der volken, meer moet consumeren, meer geld moet verdienen, bekend moet worden en dus steeds iets najagend dat je niet hebt? Dus immer strevend, ontevreden? Ben het helemaal met je eens dat je mensen de ruimte moet geven zich te ont-plooien, voorwaarden daartoe scheppen zou een must moeten zijn in ieder maatschappelijk speelveld. Sophie SophiesophieGELIJKHEIDSBEGINSEL. Het gelijkheidsbeginsel wil niet zeggen dat iedereen gelijk is, maar dat in bepaalde gevallen men volgens de wettelijke bepalingen/regelingen wel als gelijk gezien wordt, met gelijke plichten en gelijke rechten. Je moet je allemaal aan de verkeersregels houden en iedereen mag in principe met een fiets, die aan de daartoe gestelde eiden voldoet de weg op. Echter als ik blind ben, ben ik niet in staat om adequaat te reageren op omstandigheden, weg en andere verkeersgebruikers, ook een voorwaarde om aan het verkeer deel te nemen. Een blinde kan wel fietsen, op een tandem bijvoorbeeld, waarbij een ander, die wel kan zien, stuurt en remt etc. In de praktijk is het echter dus zo dat een blinde verboden wordt te fietsen, ook al heeft hij formeel als burger van dit land, het recht om te fietsen. Dit is een simpel voorbeeld, van verschillen tussen mensen en hoe wetten en rechten en plichten kunnen uitpakken. Veel is echter minder zichtbaar. Iedereen heeft recht op onderwijs en zelfs tot een bepaalde leeftijd de plicht onderwijs te volgen. Maar de ene school is de andere niet en het verschilt nogal of je in een gezin opgroeit waar er niet gelezen wordt, niet gediscussieerd, waar er geen belangstelling is voor culturele zaken of in een gezin waar dat wel zo is. De buurt waar je opgroeit, de ruimte en de rust in je huis om bijvoorbeeld huiswerk te maken, of er iemand is die voor je zorgt of dat je als kind voor jezelf en/of voor andere broertjes en zusjes moet zorgen. Wordt je gestimuleerd te leren, je te ontplooien of niet? Mag je naar muziekles als je dat wilt. En niet het minst belangrijk, wordt er van je gehouden, dat lijkt vanzelfsprekend, maar is het niet. En ook al zijn alle externe omstandigheden optimaal, dan kun je gezegend zijn met een aanleg voor rheuma, leukemie, depressie, dan verandert er een heleboel in het kansenplaatje als je ziek wordt. Dan blijkt het gelijkheidsbeginsel een ongelijkheidsbeginsel, want je wordt dan afgerekend op je ziekte: je moet meer betalen, je krijgt bij voorbaat minder kansen op ontplooiing, want men gaat uit van de mogelijkheden van mensen die niet last hebben van een of ander mankement. In sommige gevallen is ziekte een stigma, dat ieder contact met de ander vertroubelt, dat bij voorbaat mensen uitsluit. De vele mogelijkheden die ook die mensen (en soms: juist die mensen, vaak creatieve mensen) hebben, mits de omstandigheden passend zijn, worden onbenut gelaten. SophieReageren |